Menu

Minor

Startgesprek

In de eerste maand van je stage plan je een startgesprek in. Op de website van ONmbo staat met wie je dit startgesprek moet voeren. Zorg ervoor dat je de mensen op tijd een uitnodiging stuurt.

Zorg dat je de volgende punten hebt gedaan, voordat je je gesprek in gaat:
- Je hebt de informatiefilm gekeken van ONmbo (zie website)
- Je hebt een plan gemaakt voor je leerdoelen en de stappen die je daarbij gaat zetten.
- Je hebt je verdiept in de doelgroep waarmee je gaat werken (doelgroep analyse).
- Je hebt de nieuwe handleiding en de beoordelingsformulieren van jouw stage doorgelezen.

Agenda voor je startgesprek

  1. Wie ben ik?
    Je geeft in het kort een beeld van wie jij als persoon bent en alle belangrijke zaken die van toepassing zijn voor je stage en een goede begeleiding. Daarnaast geef je aan op welke manier jij het beste leert en wat je hiervoor nodig hebt.
  2. Beeldvorming MBO
    Hoe is je beeld van het MBO, het ONmbo en de docent die op onze school werkt.
  3. Jouw stageplek
    Hoe ziet je stage op het ROC eruit? Wat is je rol in het team, en wat zijn de verwachten?
  4. Leerproces
    Wat zijn jouw talenten en leerpunten voor je stageperiode?
  5. Plan van aanpak
    Welke stappen ga jij zetten om je leerdoelen te behalen. Je begint met het maken van je groeidossier.

Voor een extra uitleg over het startgesprek kun je dit filmpje kijken. 

Begeleiden en Beoordelen

Alle stages worden begeleid door gecertificeerde werkplekbegeleiders binnen het team waarin jij stageloopt. Ze ondersteunen jou bij het realiseren van je stagedoelen en je krijgt advies over welke leeractiviteiten je kunt ondernemen. Ook helpen ze jou om de theorie aan jouw lespraktijk te koppelen, door het stellen van vragen. 

Bij de opleidingsschool vinden wij het belangrijk dat jij de ruimte krijgt om onderdeel te zijn van het onderwijsteam, op een manier die past bij jou en je stage. Ook hiervoor draagt jouw werkplekbegeleider zorg. Op deze manier ontdek je wie jij bent als docent en wat jouw visie is op lesgeven, maar ook hoe je bent als collega en wat jij kunt bijdragen in een team.

Als docent in het MBO heb je immers meerdere rollen. Je bent niet alleen docent, maar studieloopbaanbegeleider, stagebegeleider en examinator.

In het beoordelen van jouw stage werken de stagedocent HAN-ALO, schoolopleider  en werkplekbegeleider samen. Een lesbezoek vindt alleen plaats met een specifiek doel en kan worden aangevraagd door de stagedocent HAN-ALO, de werkplekbegeleider, de schoolopleider of de student zelf. De stagedocent HAN-ALO en de werkplekbegeleider zijn beiden betrokken bij de tussen- en eindbeoordeling van de student en hebben daarover regelmatig contact

In het beoordelen van jouw stage werken de schoolopleider en instituutsopleider samen. Een van hen doet een lesbezoek en is betrokken bij de tussen- en eindbeoordeling door de werkplekbegeleider. Je wordt door hen samen beoordeeld op basis van de benodigde competenties en vaardigheden, die horen bij de eindkwalificaties van de verschillende stages. 

Groei- en presentatiedossier

Tijdens de stage houdt de student een groeidossier bij. Hierin verzamel je documenten die laten zien waar je aan werkt, welke leerdoelen je hebt, hoe je jezelf ontwikkelt als leraar in opleiding en welke resultaten je bereikt. Hiervoor gebruik je het digitale portfolio (Bulb). Uit alles wat je verzamelt in dit groeidossier, vul jij jouw presentatiedossier om je ontwikkeling binnen de vier bekwaamheidsgebieden zichtbaar te maken en zet je in voor de toetsing in je presentatiedossier.

Aan welke bewijzen voor je presentatiedossier kan je denken? Student-enquêtes, filmmateriaal, gespreksopnames, lesobservaties, lesvoorbereidingen, reflecties (over van alles), leeractiviteiten, handelingsplannen, adviezen,….. aan jouw fantasie zijn geen grenzen gesteld. Kijk (welke leeruitkomsten, welke leerdoelen) je wilt bewijzen en zoek er passend materiaal bij. Inhoudelijk zijn er voorwaarden, een word-document (evt. bij bijv. je video) waarbij je per bekwaamheidseis opsomt welke bewijsstukken je per bekwaamheidseis gaat gebruiken en de bewijsstukken in de bijlage. Aan de vorm van presenteren zijn geen eisen gesteld, denk aan een video, een verslag, een poster, een vlog, een lied enz.

In de praktijkbeoordeling wordt aan de hand van wat je in de praktijk hebt laten zien en jouw presentatiedossier beoordeeld of het voldoet aan de beoordelingscriteria per bekwaamheidsgebied.

In de niveaubeschrijving van de HAN komen telkens vier bekwaamheidsgebieden teug: - Vakinhoudelijk bekwaam - Vakdidactisch bekwaam - Pedagogisch bekwaam - De brede professionele basis (de buitenschil om de drie bekwaamheidsgebieden) Deze bekwaamheidsgebieden vormen een rode draad door de opleiding. In elke stage wordt aan een of meerdere bekwaamheidsgebieden gewerkt. Bij de beoordeling van het integrale handelen, is per bekwaamheidsgebied beschreven wat er op dit niveau van je verwacht wordt.

In je presentatiedossier reflecteer je per bekwaamheidseis. Beschrijf daarom per bekwaamheidseis dat je het niveau behaald hebt, beschreven in de eindbeoordeling door minimaal:

1. De verschillende representatieve perspectieven:

  • Input vanuit Studenten die je les hebt gegeven
  • Input vanuit je WPB
    • Input van de begeleiders van de bijeenkomsten (praktijkcurriculum ONmbo)
  • Input vanuit je collega’s in het team
  • Input vanuit jezelf (reflecties)
  • WPL3 verplicht: Input vanuit collega’s uit het werkveld 

Deze input moet bestaan uit zowel concrete tops als concrete tips (representatief).

2. Koppeling met theorie

3. Jouw persoon 

  • Visie op onderwijs
  • Kwaliteiten en uitdagingen van jezelf
  • Koppeling leerdoelen uit startgesprek 

4. Voorbeeld uit de praktijk (waardoor heb je dit geleerd bij je leerdoelen bij punt 3)

5. Bewijsstukken uit je groeidossier

6. Aanpassing/nieuw leerdoel voor volgende periode of (als je het al bewezen hebt) hoe ga je dit niveau behouden. 

Programma

Hier vind je het complete programma voor Minor MBO. Je kunt in de kalender van deze site zien wanneer deze bijeenkomsten zijn en waarover ze gaan.

 

ONderzoek

Bewijsmateriaal

Om aan je eigen ontwikkeling te kunnen werken, helpt het je bewust op je eigen handelen terug te kijken, de theorie aan de praktijk te koppelen en voor eigen leerdoelen op onderzoek uit te gaan. Je gaat bewijsmateriaal verzamelen waarmee jij de bekwaamheidsgebieden kunt aantonen. Voorbeelden die je kunt gebruiken:

Je gaat tijdens je stage aan de slag met het verzamelen van bewijsmateriaal wat je uiteindelijk kunt gebruiken in je presentatiedossier bij je tussen- en eindbeoordeling. 

Voorbeelden van bewijsmateriaal:

• Producten van leerlingen
• PowerPoint bij een les
• Lesvoorbereiding
• Uitgewerkte activerende werkvorm
• Opzet van een excursie of veldwerk
• Reflecties • Feedback
• Een ingevulde vragenlijst zoals VIL of interview
• een mail van een collega, peer of ouder
• Verantwoording met daarin een koppeling naar theorie
• Een foto, tekening, stukje film of audio van een betekenisvolle situatie
• Een leerwerktaak

Je levert dit materiaal in in Bulb.       

Reflectie - Elke twee weken maak je een reflectie, waarin je kritisch op je handelen terugkijkt, relevante situaties beschrijft en analyseert en alternatieven voor je handelen benoemd om deze weer in de praktijk uit te proberen. Hierbij verwijs je naar de literatuur. O.a. deze reflecties bieden input voor je wekelijks gesprek met je werkplekbegeleider.

Leerwerktaken MBO – Een leerwerktaak is een authentieke, hele en unieke taak, die de individuele student tijdens het werkplekleren besluit uit te voeren, om binnen de vastgestelde beroepstaken de vereiste competenties te ontwikkelen en te verwerven. De verzameling van de leerwerktaken vind je op de website van Bureau Extern. Hier zijn zowel de algemene als de MBO-specifieke leerwerktaken te vinden. De MBO-specifieke leerwerktaken zijn gebaseerd op het kwalificatiedossier van de MBO docent waarin de verschillende rollen en taken die een MBO-docent uitvoert uiteen gezet zijn. 

Om aan je leerdoelen te werken kun je leertaken gebruiken. Je kunt deze in de voorgegeven vorm inzetten, deze voor het behalen van je eigen leerdoel aanpassen of hem als inspiratiebron gebruiken. Stem de keuze van de leerwerktaak met je werkplekbegeleider af. Deze zal je ook van feedback op je uitvoering voorzien.

Video-opnames – Om beter zicht op je eigen handelen te krijgen en nog eens rustig terug te kunnen kijken maak je lesopnames; ook deze lesopnamen leveren input voor je gesprek met je werkplekbegeleider. Desgewenst kan ook de school-/instituutsopleider vragen om een opname.

Formulieren

De beoordelingsformulieren en voorbeelden van een leerwerkplan zijn op de site van bureau extern te vinden.